Doelgroepaanpak

Met de doelgroepenaanpak ondersteunt de provincie Overijssel reizigers in hun keuzereis. De aanpak verbindt mobiliteitsprojecten aan gedragsinzichten en speelt in op momenten waarop routines toch al veranderen, zoals werkzaamheden, verhuizingen of herinrichting van een gebied. Dit zijn de momenten waarop mensen het meest openstaan voor nieuwe keuzes.

Hoe werken we?

Gedrag wordt voor een groot deel bepaald door gewoontes, omgeving, emoties en sociale normen. Daarom onderzoeken we eerst waarom mensen doen wat ze doen, en kiezen we daarna interventies die aansluiten bij hun dagelijkse praktijk.
Onze aanpak bestaat uit drie stappen:

  1. Begrijpen – met data, observaties en gesprekken onderzoeken we drijfveren en drempels.
  2. Strategie kiezen – op basis van een methode voor gedragsverandering (CASImodel) bepalen we wat werkt voor deze doelgroep en dit moment.
  3. Uitvoeren en leren – interventies worden getest, gemonitord en bijgestuurd. Wat werkt, schalen we op.

Vier pijlers (focus 2026-2027)

De komende twee jaar richt de doelgroepenaanpak zich op vier pijlers. Deze vormen de basis om projecten te selecteren, gedragsonderzoek uit te voeren en interventies te ontwikkelen.

1. Hinderaanpak

Werkzaamheden bieden een natuurlijk moment voor gedragsverandering. We helpen reizigers alternatieven te ontdekken die ook na afloop aantrekkelijk blijven.

2. Gebiedsaanpak

Gebiedsontwikkelingen zoals nieuwe woonwijken of bedrijventerreinen, bieden ook kansen voor nieuwe routines. Dit geldt voor bewoners, werknemers én bezoekers. We ondersteunen hen in hun keuzereis met goede voorzieningen en passende gedragsmaatregelen.

3. OV spreidingsaanpak

Veel reizigers kiezen automatisch voor vaste vertrektijden, waardoor drukke spitsen ontstaan. Met onderzoek en pilots kijken we welke reizigers openstaan voor andere reismomenten en welke interventies daarbij helpen.

4. Hubs

Hubs zijn plekken waar mobiliteit, verblijf en gemak samenkomen — soms zelfs als eindbestemming. We onderzoeken per locatie welke potentiële doelgroepen er gebruik van kunnen maken en welke voorzieningen (mobiliteit én andere functies zoals horeca, wachtplekken of werkplekken) het gebruik aantrekkelijker maken voor huidige én toekomstige gebruikers.